Posts tonen met het label IT. Alle posts tonen
Posts tonen met het label IT. Alle posts tonen

zaterdag 18 december 2010

Think small

Wat volgt heb ik onthouden van een TED talk van Rory Sutherland die het had over eenvoudige oplossingen voor grote problemen. Zo herkenbaar! In elke grotere onderneming heeft men dit probleem.

Je kan niet ontkennen dat er een gapend gat is in onze benadering van het oplossen van problemen. Heel wat mensen (op de top van de ladder) kunnen het niet hebben dat er eenvoudige en goedkope oplossingen bestaan. Voor grote projecten moet je een “strategie” hebben, een groot plan. Dat mag dan wat kosten en er wordt veel tijd en middelen besteedt. Iedereen moet mee op het juiste pad en dat pad wordt altijd top-down uitgestippeld.

image

Er zijn niet altijd middelen en knowhow en de strategie vereist inzet van deskundigen … die dan ingehuurd worden. Het soort wezens dat dan ingeschakeld wordt noemt men “consultants”. In het links boven kwadrant is één ding zeker: dat kost geld.

image

Als er geen geld is of geen knowhow, geen ervaring op de vloer, dan vervalt men al eens in een collectie “Trivia”. Hoewel trivia in het algemeen een negatieve connotatie heeft, hoeft dat hier niet noodzakelijk als “slecht” geïnterpreteerd te worden: men verliest geen geld of middelen, men presteert niet beter dan de consultants maar het blijft aanmodderen.

 

image 

Wat moet je dan in het vierde kwadrant steken? Persoonlijk noem ik die oplossingen de “quick en dirty” – oplossing maar in het bedrijfsvoeren bestaat er eigenlijk geen naam voor. Nochtans winnen we allen bij  eenvoudige oplossingen die niet worden geblokkeerd door big-budget blindheid. De standaardbenadering zegt helaas dat grote problemen ook grote en dure oplossingen vergen. De standaardbenadering maakt dat je niet start met het plukken van het laaghangend fruit, de standardbenadering zegt dat je heel de boomgaard moet leeg plukken en ladders, transport en frigo’s met organiseren.

Wat doet u in het vierde kwadrant?

image

 

dinsdag 23 november 2010

Kinderboekje voor marketeers

Veel marketeers haken af als het gaat over technische zaken. Op hun niveau maakte Google een schitterend handboekje “20 Things I Learned about Browsers and the Web.”  Meteen maakte Google er een showcase van hoe je met HTML5 mooie dingen kan maken. Om het boekje te bekijken kan je wel best via Chrome of zo passeren.

Het lijkt wel een kinderboekje met de prachtige illustraties van éne Christoph Niemann.

En btw, dit boekje werd uitgebracht omdat het op 12/11 net 20 jaar geleden was dat internet van start ging waarvan hier bewijs.

image

vrijdag 29 januari 2010

digitale leeftijd

Elke dag en al jaren ben ik intens bezig met computers en netwerken. Eerst was het vooral hardware en operating systemen georiënteerd en pakketautomatisering. Dan is er een periode geweest waarin ik heel veel met servicedesk toestanden en office software deed. En nu is het leiding geven aan internet- en intranetprojecten of iets ingewikkelder uitgedrukt content- en document management met complexe achterliggende auteurssystemen.

Mijn digitale leeftijd is pakweg 25 jaar. De inzichten en het gebruik namen toe met de jaren en ik ben dus meer dan digitaal volwassen. Een bepaalde groep mensen accepteert dat niet of vinden dat “old school”.

Ik kom dikwijls jonge (en opgeleide) twintigers tegen, digitale kinderen, die bijzonder weinig ITC echt kunnen gebruiken. Ze worden gekenmerkt door een oppervlakkige kennis van bv. settings van hardware of software die ze gebruiken, ze kunnen wel bijzonder snel tikken dus ze niet apparaatgehandicapt, ze zijn bereid om te experimenteren en ze zijn specialist in één of een paar domeinen (bv. een bepaald spel) maar eigenlijk worden ze gekenmerkt door een beperkte digitale horizon.

 

Daar dacht ik aan toen ik dit las. Ik plak een stuk van die inhoud hier onder.

Digital Age May Differ from Real Age

Most people equate advanced digital skills and savvy to youth. However, results from a new Wells Fargo survey suggests such assumptions can be erroneous.

For purposes of the survey, Wells Fargo grouped respondents into three categories: “Digital adults,” people who use advanced online tools for daily tasks, interaction and entertainment; “digital novices,” people with a general understanding of online tools who use them to manage basic tasks, but don’t interact with others online or manage complex tasks on the web; and “digital teens,” who fall in between novices and adults.

Shying Away from Complexity

According to the survey, while most people have entered the digital world, participation falls off sharply as complexity increases. For example, 93% of respondents have a digital camera, but less than a third use digital photo-sharing tools.

More surprising is that according to the survey the most “adult group,” digitally speaking, is not twenty-somethings but thirty-somethings.

woensdag 30 december 2009

Hoe ziet uw mail eruit?

Ooit jezelf al eens afgevraagd hoe je email er op verschillende platformen eruit ziet? Al langer waren er nogal wat tools om na te gaan of je website of web pagina vervormd wordt in verschillende browsers. Alhoewel, die tools moesten soms absolute urls hebben, lusten geen cookies en daar ben je vet mee als je iets wil als nakijken als http://www.socmut.be/SocMut/pages/switchregio.aspx?fed=322&goto=/SocMut/Aanbod/Voordelen-diensten?nieuwsbrief-teller

Of hoe nagaan of je email geblokkeerd wordt bij spam filters? Wel, dan is Litmus een prachtding. Voor een belachelijk laag bedrag je goed kunt testen (39 dollar voor 14 dagen). Je kan beperkt ook gratis gebruiken en uitproberen. En binnenkort komt er nog testen op iPhone, Blackberry, Windows Mobile en Symbian bij.

 

The advanced testing tool for web professionals: http://litmusapp.com

Drupal en SharePoint

Veel webbuilders en agencys zweren bij drupal en vinden SharePoint maar niks.

Veel reclameboys praten met webbuilders en vinden dan ook dat drupal de max is en SharePoint maar niks (net zoals ze pc’s maar niks vinden en zweren bij Apple).

Een ding is zeker en daar twijfelt niemand aan (ook de drupal-fans niet) : met SharePoint kan je veel meer op gebied van document management (en BI). Maar mensen die puur web bouwen hebben die docman niet nodig dus baseren hun oordeel daar niet op.

Er is ook een bepaalde “hype” rond drupal: mensen die van dicht of van ver nog nooit met drupal gewerkt hebben vinden dat fantastisch.

Het neutrale instituut cmswatch zegt daar ondermeer het volgende over: http://www.cmswatch.com/Trends/1616-Drupal-Hype

Wie technisch wil vergelijken kan terecht op www.cmsmatrix.org. Daar wordt vergeleken wat beide producten kunnen en SharePoint heeft daar meer dingetjes in het groen staan dan drupal.

donderdag 26 november 2009

Voor mijn collega’s marketeers

 

Het is nu ook wetenschappelijk bewezen: het bestaansrecht van marketing verdwijnt als we nu niet acteren. 'Marketing', die term is gebaseerd op het woord 'markt'. 'De markt' heeft steeds minder waarde, want de markt is steeds moeilijker te bepalen. Terwijl 'de klant' als uniek individu steeds relevanter wordt. Wordt het niet eens tijd om de term marketing in te ruilen?

Gisteren werd in Nederland de marketingliteratuurprijs uitgereikt aan Prof. dr. Peter S.H. Leeflang voor zijn boek 'Marketing aan de top'. Het boek is gebaseerd op een studie naar de positie en invloed van marketing binnen bedrijven.

De quote en het bericht haalde ik op http://www.dutchcowboys.nl/marketing/18404 en daar begint zich een interessante discussie te ontwikkelen.

Ik heb een verleden in de marketing, ben actief geweest in sales en loketfuncties en heb een heden in web technologie en IT.  Ik heb altijd een zeer klantgerichte oriëntatie gehad: een individueel service gerichte kijk en geen algemene promotie georiënteerde klantenkijk. Die visie in een site stoppen levert aantoonbaar goede resultaten op. Dus denken en handelen vanuit het standpunt van de afnemers.

Het besef dat je op internet heel hard moet rekening houden met de individuele belevenis van een gebruiker en niet met “de markt” is confronterend voor marketeers en beleidsmensen waar ik mee te maken heb. “Denken en handelen vanuit het standpunt van de afnemers.” is voor marketeers en nog veel meer beleidsmensen not done.

woensdag 18 november 2009

Laagdrempelig publiceren op intranet

Informatie op intranet toevoegen begint met iets weg te halen: namelijk de drempels om te publiceren. De strenge procedures voor publicaties op intranetten zijn niet meer van deze tijd. Het moet laagdrempelig worden, voor alle medewerkers, om zelf artikelen te kunnen plaatsen. Meer vrijheid dus. Blogs zijn hiervoor zeer geschikt. Een groot voordeel van blogs is bovendien dat collega's er op kunnen reageren. De hieruit voort vloeiende discussies zijn natuurlijk een waardevolle extra.

Binnen veel bedrijven bestaat angst om medewerkers zelf nieuwe content te laten toevoegen op het intranet.  De vrees bestaat dat onjuiste of gevoelige informatie 'op straat' komt te liggen. Dit 'lekken' van informatie kan veel eenvoudiger via een medium als e-mail. Dat kan het argument dus niet zijn.

Veel werknemers zijn "bang": ze hebben niet voldoende lef om zich publiek uit te spreken. Ze maken de denkfout dat ze moeten opkomen voor hun "eigen"mening. Ze vergeten dat ze ook voor hun team kunnen spreken, dus inclusief de mening van hun baas kunnen vertolken.

Mensen voelen zich prettiger en presteren beter in een werkomgeving waar ze in vrijheid kunnen opereren. Voor de jongere generatie is dat nog belangrijker.

In de praktijk valt het met de kwaliteit van de artikelen erg mee. Mensen beseffen best dat hun collega's meelezen en 'publiekelijk' op hun blogs kunnen reageren. Zo ontstaat zelfregulering. Communicatie via blog is veel eleganter dan mail waar het er zeer bitsig kan aan toegaan.

donderdag 29 oktober 2009

Persoonlijk contact

Meer en meer verbergt men zich achter email. Zelfs al zit een collega een bureel verder, eerder dan te bellen, laat staan langs te komen, stuurt men een mail. Het ergste is dat niet om hele simpele mails gaat, genre “Waar vind ik dat rapportje?” of “Kan dit of dat?” of “In bijlage een status van het project” maar dikwijls om complexe vragen of reacties waar duidelijk uit blijkt dat bijzonder lang is nagedacht over de inhoud. Vroeger noemden ze dat “een nota schrijven”. Helemaal kierewiet wordt het als er een hoop mensen in cc staan die eigenlijk met heel de affaire van ver te maken heeft: de cc dient dan om zich in te dekken. Eigenlijk ontwijkt men dikwijls de (open) discussie zoals in een tete à tete of een meeting.

In dit artikel De etiquettehandleiding van de “Social e-Business Worker”  wordt de vinger op de wonde gelegd. Niet alleen het onhebbelijk gebruik van email komen aan bod maar nog tien andere punten van ergernis waar ik me graag bij aansluit. Ik noem de voor mij belangrijkste:

  1. Drink regelmatig een kop koffie in plaats van uw tijd te verliezen met de opmaak van e-mailberichten
  2. Wees echt aandachtig als je met iemand praat: ondertussen geen SMS, Iphone of Blackberry manipuleren en tolereer dat ook niet als de ander dat doet.
  3. Beperk het gebruik van CC (en nagel BCC’ers aan de muur)
  4. Laat fantasietjes achterwege in mails, sms’en, voicemails en beltonen!

dinsdag 22 september 2009

ICT zorgt voor 2% van alle CO2 emissie

"De ICT sector is wereldwijd verantwoordelijk voor 2% van alle CO2 emissie. Dit is vergelijkbaar met de luchtvaartindustrie Een groot deel hiervan wordt veroorzaakt door IT apparatuur die niet wordt gebruikt."

woensdag 1 juli 2009

Waarom en wanneer niet bloggen?

Bloggen doe ik als ergens een gaatje vind en/of als ik veel goesting heb.

Gaatjes

Ik gebruik Live Writer meestal offline op de trein om de eerste aanzet te geven en Live Writer opnieuw en thuis maar dan online om te corrigeren en te publiceren. Werken op je pc op de trein is fijn maar dat doe je alleen als je geen gezelschap hebt of geen ander ”werk” te doen hebt.  En de laatste tijd had ik regelmatig babbelgezelschap en vooral veel ander werk zoals bv. sollicitaties voor een eerste selectie scannen. Interessant om later nog eens over te hebben … we zien wel.

Goesting

Hoe beter weer, hoe minder internet. Ik vermoed dat er wel al eens een student of wetenschapper een onderzoek gedaan heeft naar de correlatie “mooi weer” of “buitentemperatuur” tov “surfgedrag”.  Nog meer dan tv-kijken sneuvelt surftijd voor andere “leukere” bezigheden. Het mooie warme weer zorgt in mijn geval bv. voor “buiten eten” en dan blijf je langer aan tafel of bv. voor “te warm op de trein en ik doe een halfslachtig dutje”. Ik ben regelmatig maniakaal bezig met Google Analytics en durf er wat op verwedden dat ik in onze stats de mooie dagen zo kan aantonen. Interessant om later nog eens over te hebben … we zien wel.

U begrijpt het en verontschuldig mij: ik had geen gaatjes en geen goesting maar kijk ik ben er toch weer.

dinsdag 2 juni 2009

Information is like water

Beroepshalve ben ik met informatie bezig. Simpel gezegd naar binnen (intranet & document management) en naar buiten (internet & websites). Internet en websites vind men meestal “cool”. Maar eens je begint met begrippen als Bibliotheek 2.0 <-> De digitale bibliotheek <-> Informatie en Media <-> Informatiemanagement <-> Informatievaardigheden  <-> Kennismanagement <-> Social Software Tools <-> Zoekstrategieën is het enthousiasme snel bekoeld. Een ietwat bijzonder weblog met een ietwat bijzonder naam biebmiepleen bezorgd me soms inspiratie en ik vond daar ook een een leuke presentatie waarin het belang van doorstromen van informatie uitgelegd wordt.

woensdag 6 mei 2009

De Nieuwe Nerds zijn helemaal geen nerds.

Generatie Y is geboren na 1980. Het zijn de twintigers die nu na hun studies het bedrijfsleven aan het binnensijpelen zijn. Dit is de generatie die is opgegroeid in een digitaal tijdperk en voor wie het digitale eerder de norm dan de uitzondering vormt. Ze vinden technologie dan ook een ‘way of life’ en zijn absoluut niet onder de indruk van de IT die ze aantreffen in hun nieuwe werkomgeving.

Gen Y geeft geen fluit om hiërarchie. Zij leven volledig in het netwerk. Ze denken verticaal in plaats van horizontaal.  ‘Staying connected’ is voor hen essentieel. Het netwerk is hun leven. Dit zijn de mensen die bijna een derde van hun leven op het internet zullen doorbrengen. Maar dit zijn ook de mensen die totaal niet kunnen snappen hoe de ouwe generatie kan over­leven in hun bedrijfsleven met zulke achterlijke systemen.

Vroeger waren wij, die van informatica, de ‘Distributors of Cool Stuff ’, de nerds. Binnen IT zijn de oude nerds met hun systemen net het omgekeerde aan het doen dan waar ze ooit groot mee geworden zijn: innoveren. Onder die IT’ers van 35 en ouder zijn er nog een paar die nooit volwassen zullen worden en blijven spelen met nieuw (en helaas soms enkel met nieuwe gadgets) maar het gros is toch zo o zo conservatief.

maandag 27 april 2009

Negenvlaksmodel

Automatiseringsgids is een nederlands weekblad waarin regelmatig echt leesbare artikels staan over theorie in de automatisering.

Beroepsmatig word ik regelmatig geconfronteerd met initiatieven die bepaalde methodologien ingang wil doen vinden. Dat is niet altijd even eenvoudig inleven … 

In het artikel in de Automatiseringsgids wordt gesteld dat het tijd is voor een nieuwe generatie servicemanagementoplossingen. En wel omwlle van volgende denkfouten.

  • Denkfout 1: Looijen zegt het
  • Denkfout 2: Functioneel beheer, applicatiebeheer en technisch beheer vormen een procesketen
  • Denkfout 3: Verschillende beheervormen eisen verschillende procesmethoden
  • Denkfout 4: Eén procesmodel voor verschillende taakgebieden leidt tot verlies van detail
  • Denkfout 5: Het is fijn dat ieder taakgebied zijn eigen model heeft
  • Denkfout 6: Het klakkeloos volgen van ITIL, ASL en BiSL

Eerst het oude model:

Het negenvlaksmodel (SAME - Strategic AlignmentModel Enhanced) kent drie kolommen en drie lagen en lijkt me een heel boeiende benadering.

De kolommen voorzien in een scheiding van verantwoordelijkheden: business, informatiespecificatie (opdrachtgeverschap) en informatierealisatie (levering).

De lagen ondersteunen het besturingsmodel met strategie (richten), tactiek (inrichten) en operatie (verrichten). Het is van belang te beseffen dat deze kolommen en lagen geen afdelingsstructuur beschrijven maar domeinen van beheer. Binnen deze structuur is het relatief eenvoudig een zuiver en simpel procesmodel te schetsen. Dit procesmodel maakt onderscheid naar vier effectiviteitsprocessen: afspreken, wijzigen, herstellen en leveren.
Daarnaast heeft het model twee efficiëntieprocessen: registreren en voorkomen. Het is nu erg eenvoudig dit procesmodel toe te passen op de onderscheiden beheerdomeinen, en de daarbinnen beheerde objecten: respectievelijk de informatiespecificatie en de informatierealisatie. Het is al net zo eenvoudig om hierin de verschillende activiteiten van de drie beheervormen te herkennen: de middenkolom wordt ingevuld met functioneel beheer (ref. BiSL) en de rechterkolom wordt ingevuld met applicatiebeheer (ref. ASL en ITIL) en technisch beheer (ref. ITIL).

Op deze wijze kan een organisatie een simpel, zuiver, effectief en efficiënt managementsysteem invoeren voor haar integrale informatievoorziening. En daarbij weloverwogen elementen uit alle denkbare frameworks gebruiken. Een te simpel en theoretisch verhaal? Nee, een toenemend aantal organisaties in Nederland past dit model inmiddels succesvol toe.